Munten van Congo-Vrijstaat, Belgisch Congo en Ruanda-Urundi

De koloniale munten van België vormen een apart en vaak onderschat verzamelgebied. Ze vertellen het verhaal van de Congo-Vrijstaat, van Belgisch Congo en van het mandaatgebied Ruanda-Urundi, en ze hebben een eigen beeldtaal: palmbomen, olifanten, geponste munten en tweetalige opschriften. Dit overzicht helpt je de belangrijkste periodes en types te herkennen.
Geld vóór de munt
Voor de komst van Europese munten gebruikten de volkeren van Centraal-Afrika allerlei vormen van ruilmiddelen: koperen voorwerpen, kralen, schelpen, stoffen en metalen staven. De bekendste zijn de Katangese kruisen, gegoten koperen kruisvormige staven uit het zuiden van het latere Congo. Ze worden door verzamelaars van primitief geld gezocht en vormen een boeiende aanloop tot de koloniale munten.
De Congo-Vrijstaat (1885-1908)
In 1885 werd de Onafhankelijke Congostaat, of Congo-Vrijstaat, erkend als persoonlijk bezit van koning Leopold II. De staat kreeg een eigen munt, de frank, met dezelfde waarde als de Belgische. De bijbehorende munten werden in België ontworpen en geslagen.
De muntreeks bestond uit:
- koperen centiemen in kleine waarden, met een ster, het symbool van de Vrijstaat;
- zilveren munten van een fractie van een frank tot vijf frank, met het portret van Leopold II, in dezelfde stijl als de Belgische munten van die tijd;
- in de laatste jaren van de Vrijstaat kopernikkelen munten met een gat in het midden.
De opschriften waren in het Frans. Het vijffrankstuk van de Vrijstaat behoort tot de bekendste koloniale munten.
Het bestuur van de Vrijstaat is een zwarte bladzijde in de geschiedenis: de exploitatie van rubber en ivoor ging gepaard met dwangarbeid en zware geweldpleging tegen de bevolking. Wie deze munten verzamelt, verzamelt ook die geschiedenis, en het is goed daar bewust mee om te gaan.
Belgisch Congo (1908-1960)
In 1908 nam de Belgische staat het gebied over; het werd Belgisch Congo. De munten droegen voortaan de naam van de kolonie, en net zoals in België kwamen er geleidelijk tweetalige opschriften: CONGO BELGE en BELGISCH CONGO.
De geponste munten
Het meest herkenbare type uit de koloniale periode is de kopernikkelen munt met een gat. De kleine waarden in centiemen werden zo geslagen, vaak met gekroonde monogrammen van de koning rond het gat. Het gat had praktische voordelen: de munten waren lichter, makkelijk te herkennen en konden aan een koord of een stokje worden geregen, wat in gebieden zonder portemonnee handig was. Het principe kwam uit België, waar gelijkaardige geponste munten in omloop waren (zie de munten van Leopold I en Leopold II).
Munten in frank
Voor de hogere waarden werden ronde munten zonder gat gebruikt, in kopernikkel, later in andere legeringen. Veel ervan tonen het portret van de regerende koning op de voorzijde en een palmboom of het wapen op de keerzijde. Onder Albert I, Leopold III en Boudewijn volgden de types elkaar op.
De oorlogsjaren
Tijdens de Tweede Wereldoorlog was België bezet, maar de kolonie bleef aan de kant van de geallieerden. De munten van die jaren konden niet in Brussel worden geslagen en werden in het buitenland aangemaakt. Uit die periode stamt een van de bekendste koloniale munten: een zeshoekige munt van twee frank in messing met een olifant. Ook op andere munten uit de jaren veertig verschijnt de olifant, onder meer op een grote zilveren munt.
De laatste types
Na de oorlog volgden nieuwe reeksen, onder meer in brons en in aluminium. Vanaf de jaren vijftig vermelden de munten zowel Belgisch Congo als Ruanda-Urundi, omdat beide gebieden dezelfde munt gebruikten.
Ruanda-Urundi
Ruanda-Urundi, het huidige Rwanda en Burundi, was een Duitse kolonie die na de Eerste Wereldoorlog onder Belgisch bestuur kwam, eerst als mandaatgebied van de Volkenbond en later als trustgebied van de Verenigde Naties. Het gebied gebruikte de Congolese munt. Na de onafhankelijkheid van Congo in 1960 kreeg Ruanda-Urundi kort eigen munten, tot Rwanda en Burundi in 1962 onafhankelijk werden en elk hun eigen geld invoerden.
Overzicht
| Periode | Gebied | Kenmerkende munten |
|---|---|---|
| 1885-1908 | Congo-Vrijstaat | koperen centiemen met ster, zilver met Leopold II, eerste geponste munten |
| 1908-1960 | Belgisch Congo | geponste kopernikkelen centiemen, frankmunten met koningsportret |
| jaren 1940 | Belgisch Congo | buiten België geslagen oorlogsmunten, olifant |
| jaren 1950 | Belgisch Congo en Ruanda-Urundi | gezamenlijke munten, onder meer in aluminium |
| 1960-1962 | Ruanda-Urundi | korte eigen reeks |
Verzamelen
Koloniale munten zijn een mooi verlengstuk van een Belgische verzameling. De meeste gangbare types zijn betaalbaar, maar mooie exemplaren van de Vrijstaat en de zilvermunten zijn gewild.
- Staat: veel koloniale munten hebben lang en intensief gecirculeerd, in een klimaat dat metaal niet spaart. Exemplaren in goede kwaliteit zijn moeilijker te vinden dan je zou denken.
- Niet poetsen: kopernikkel en messing verkleuren, maar reinigen doet meer kwaad dan goed. Lees eerst onze uitleg over munten reinigen.
- Tweetaligheid: net als bij de Belgische munten loont het om op de opschriften te letten. Zie ons artikel over Franstalige en Nederlandstalige munten.
- Vervalsingen: vooral bij de zilveren stukken van de Vrijstaat komt het voor dat kopieën als origineel worden aangeboden. Koop bij een betrouwbare handelaar.
Dit artikel kan partnerlinks bevatten. Die hebben nooit invloed op wat we schrijven.